Gebouwde omgeving

Over gebouw - utiliteit

De utiliteitsbouw is divers van samenstelling. Utiliteitsgebouwen zijn alle gebouwen met een commerciële of maatschappelijke functie, die geen woonbestemming hebben. Commercieel vastgoed bestaat onder andere uit kantoren (deels) en winkels. Bij maatschappelijk vastgoed kan je denken aan ziekenhuizen, scholen, sporthallen en gemeentehuizen. In deze grafiek ziet u de verdeling in geregistreerde energielabels binnen de utilitietsbouw. Het aandeel geregistreerde utiliteitsbouwlabels op basis van het aantal labelplichtige gebouwen is naar schatting circa 40%. Op basis van oppervlakte is dit aandeel naar schatting 75%. Sommige utiliteitspandengebouwen, zoals monumenten en gebouwen kleiner dan 50 m2, zijn niet verplicht een energielabel te registreren en zijn in deze percentages dus niet meegerekend. Van de niet-geregistreerde gebouwen, zijn de energetische prestaties onbekend. 

Het energielabel geeft aan wat de energieprestatie van een gebouw is, uitgedrukt in het primair fossiel energieverbruik. Het overzicht van alle geregistreerde energielabels is daarmee een belangrijke graadmeter voor de verduurzaming van utiliteitsgebouwen in de gebouwde omgeving.

Verdeling geregistreerde energielabels in utiliteitsbouw, 2022

Presentatie

Over gebouw - utiliteit

De utiliteitsbouw is divers van samenstelling. Utiliteitsgebouwen zijn alle gebouwen met een commerciële of maatschappelijke functie, die geen woonbestemming hebben. Commercieel vastgoed bestaat onder andere uit kantoren (deels) en winkels. Bij maatschappelijk vastgoed kan je denken aan ziekenhuizen, scholen, sporthallen en gemeentehuizen. In deze grafiek ziet u de verdeling in geregistreerde energielabels binnen de utilitietsbouw. Het aandeel geregistreerde utiliteitsbouwlabels op basis van het aantal labelplichtige gebouwen is naar schatting circa 40%. Op basis van oppervlakte is dit aandeel naar schatting 75%. Sommige utiliteitspandengebouwen, zoals monumenten en gebouwen kleiner dan 50 m2, zijn niet verplicht een energielabel te registreren en zijn in deze percentages dus niet meegerekend. Van de niet-geregistreerde gebouwen, zijn de energetische prestaties onbekend.  Het energielabel geeft aan wat de energieprestatie van een gebouw is, uitgedrukt in het primair fossiel energieverbruik. Het overzicht van alle geregistreerde energielabels is daarmee een belangrijke graadmeter voor de verduurzaming van utiliteitsgebouwen in de gebouwde omgeving.

Verdeling geregistreerde energielabels in utiliteitsbouw, 2022

Verdeling geregistreerde energielabels in utiliteitsgebouwen - 2022 - Nederland

Presentatie

Indicatoren

Het dashboard bevat voor gebouw - utiliteit nu de volgende indicatoren.

Beleid en afspraken

In de uitvoering wordt gewerkt aan de volgende beleidsonderwerpen en (clusters van) afspraken. Lees de beschrijving en status door te klikken op het 'plusje'.

  • Wettelijke eindnorm en tussentijdse streefdoel

  • Routekaarten maatschappelijk vastgoed

  • Datastelsel

  • Overige afspraken

Randvoorwaarden

Om de transitie mogelijk te maken moeten randvoorwaarden veranderen. Het beleid en de afspraken dragen hieraan bij. De volgende indicatoren hebben betrekking op randvoorwaarden voor de transitie in de subsector gebouw - utiliteit.

Wat vindt u ervan dat de overheid gebouwen de komende jaren zoveel mogelijk aardgasvrij wil maken?

In de figuur is onder andere te zien welk deel van de gebouweigenaren en gebouwgebruikers in de utiliteitsbouw positief tot zeer positief tegenover de plannen van de overheid staat om gebouwen aardgasvrij te maken.

Om steeds meer gebouweigenaren en gebouwgebruikers aan te zetten tot verduurzaming van hun gebouw is het van belang dat steeds meer huishoudens en gebouweigenaren een positieve houding krijgen ten aanzien van de verduurzaming en het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Daarmee wordt het draagvlak voor de transitie vergroot.

Presentatie

Er zijn plannen om het gebouw binnen vijf jaar geheel of gedeeltelijk aardgasvrij te maken

Naast een positieve houding is het ook van belang of er daadwerkelijk plannen worden gemaakt voor het verduurzamen, en aardgasvrij maken, van een gebouw. Een kwart van de ondervraagden heeft plannen gemaakt om het gebouw aardgasvrij te maken.

Bij de keuze om een gebouw wel of niet aardgasvrij te maken wordt de factor ‘beschikbare financiële middelen’ samen met ‘beschikbaarheid van betrouwbare kennis, informatie en advies’ als meest belangrijk gezien.

Presentatie

Gebruik overheidsinstrumenten (aantallen) door bedrijven in de gebouwde omgeving

Financiële beleidsmaatregelen om de verduurzaming van utiliteitsgebouwen te stimuleren zijn onder andere de Energie Investeringsaftrek regeling (EIA) en de ISDE zakelijk.

De EIA is een fiscale regeling voor bedrijven om duurzame/energiezuinige investeringen te vergemakkelijken. In de figuur staat het gebruik van deze regelingen. Bij de ISDE betreft de figuur het aantal toegekende warmtepompen, een aanvraag kan namelijk betrekking hebben op meerdere warmtepompen.

Presentatie

Wat vindt u ervan dat de overheid gebouwen de komende jaren zoveel mogelijk aardgasvrij wil maken?, 2020

In de figuur is onder andere te zien welk deel van de gebouweigenaren en gebouwgebruikers in de utiliteitsbouw positief tot zeer positief tegenover de plannen van de overheid staat om gebouwen aardgasvrij te maken.

Om steeds meer gebouweigenaren en gebouwgebruikers aan te zetten tot verduurzaming van hun gebouw is het van belang dat steeds meer huishoudens en gebouweigenaren een positieve houding krijgen ten aanzien van de verduurzaming en het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. Daarmee wordt het draagvlak voor de transitie vergroot. Houding tav aardgasvrij maken utiliteitsbouw door overheid -  - Nederland

Presentatie

Er zijn plannen om het gebouw binnen vijf jaar geheel of gedeeltelijk aardgasvrij te maken, 2020

Naast een positieve houding is het ook van belang of er daadwerkelijk plannen worden gemaakt voor het verduurzamen, en aardgasvrij maken, van een gebouw. Een kwart van de ondervraagden heeft plannen gemaakt om het gebouw aardgasvrij te maken.

Bij de keuze om een gebouw wel of niet aardgasvrij te maken wordt de factor ‘beschikbare financiële middelen’ samen met ‘beschikbaarheid van betrouwbare kennis, informatie en advies’ als meest belangrijk gezien. Bereidheid tav verduurzaming utiliteitsbouw -  - Nederland

Presentatie

Gebruik overheidsinstrumenten (aantallen) door bedrijven in de gebouwde omgeving

Financiële beleidsmaatregelen om de verduurzaming van utiliteitsgebouwen te stimuleren zijn onder andere de Energie Investeringsaftrek regeling (EIA) en de ISDE zakelijk.

De EIA is een fiscale regeling voor bedrijven om duurzame/energiezuinige investeringen te vergemakkelijken. In de figuur staat het gebruik van deze regelingen. Bij de ISDE betreft de figuur het aantal toegekende warmtepompen, een aanvraag kan namelijk betrekking hebben op meerdere warmtepompen. Gebruik van financiële en fiscale beleidsinstrumenten utiliteitsbouw - Nederland

Presentatie

Veranderingen

Als de randvoorwaarden wijzigen, worden veranderingen in de samenleving mogelijk. De volgende indicatoren hebben betrekking op veranderingen die al zichtbaar en meetbaar zijn.

In bestaande dienstensector toegepast isolatiemateriaal (linkeras) en glasisolatie (rechteras)

Het afnemend aardgasverbruik en de verbetering in de energieprestatie worden mede veroorzaakt door investeringen in isolatiemateriaal, isolatieglas en andere installatiemaatregelen. In de figuur is het toegepaste isolatiemateriaal (voor dak, vloer, spouwmuur en buitengevel) en glasisolatie in de dienstensector te zien.

De daling in het toegepaste isolatiemateriaal de afgelopen jaren kan mede veroorzaakt zijn door belemmeringen in de personeelsvoorziening en de beschikbaarheid van materiaal.

Presentatie

Aantal water-water en lucht-water warmtepompen utiliteitssector

In de figuur is het aantal opgestelde warmtepompen in utiliteitsbouw te zien (bestaande bouw en nieuwbouw). Warmtepompen zijn een mogelijk alternatief voor aardgas, of het verminderen van het aardgasverbruik zoals bij hybride warmtepompen het geval is.

Lucht-lucht warmtepompen zijn uit de analyse gelaten omdat deze meestal dienen als koeling en niet als verwarming. Ook hybride warmtepompen zijn (nog) niet meegenomen hierin.

Presentatie

In bestaande dienstensector toegepast isolatiemateriaal (linkeras) en glasisolatie (rechteras)

Het afnemend aardgasverbruik en de verbetering in de energieprestatie worden mede veroorzaakt door investeringen in isolatiemateriaal, isolatieglas en andere installatiemaatregelen. In de figuur is het toegepaste isolatiemateriaal (voor dak, vloer, spouwmuur en buitengevel) en glasisolatie in de dienstensector te zien.

De daling in het toegepaste isolatiemateriaal de afgelopen jaren kan mede veroorzaakt zijn door belemmeringen in de personeelsvoorziening en de beschikbaarheid van materiaal. Investeringen in -  - Nederland

Presentatie

Aantal water-water en lucht-water warmtepompen utiliteitssector

In de figuur is het aantal opgestelde warmtepompen in utiliteitsbouw te zien (bestaande bouw en nieuwbouw). Warmtepompen zijn een mogelijk alternatief voor aardgas, of het verminderen van het aardgasverbruik zoals bij hybride warmtepompen het geval is.

Lucht-lucht warmtepompen zijn uit de analyse gelaten omdat deze meestal dienen als koeling en niet als verwarming. Ook hybride warmtepompen zijn (nog) niet meegenomen hierin. Waterpomp utiliteitsbouw -  - Nederland

Presentatie

Resultaten

De volgende indicatoren hebben betrekking op meetbare resultaten in de subsector gebouw - utiliteit.

Gemiddeld temperatuur gecorrigeerd aardgasverbruik van diensten

In de figuur is de ontwikkeling van het aardgasverbruik door de dienstensector te zien. Het aardgasverbruik van utiliteitsgebouwen moet uiteindelijk naar nul in 2050, om aan de klimaatdoelstellingen te voldoen.

Dit gebeurt door de gebouwen beter te isoleren en aardgas te vervangen door duurzamere alternatieven. Gebouwen in de dienstensector noemen we utiliteitsbouw. Er zijn ook utiliteitsgebouwen in de industrie en landbouw, maar die vallen - net als de afbakening van het PBL - in de betreffende sectoren. In de gebouwde omgeving wordt de utiliteitsbouw beperkt tot utiliteitsgebouwen in de dienstensector.

Presentatie

Verdeling geregistreerde energielabels in utiliteitsbouw

Dit figuur laat de verdeling in geregistreerde energielabels zien voor de jaren 2017 en 2022 (stand 1-1-2022) voor vier utiliteitsfuncties. Het aandeel geregistreerde utiliteitsbouwlabels op basis van het aantal labelplichtige gebouwen is naar schatting circa 40%. De energetische kwaliteit van de overige 60% is onbekend. De gebouwen met een geregistreerd label zijn tussen 2017 en nu energiezuiniger geworden.

Het energielabel geeft aan wat de energieprestatie van een gebouw is, uitgedrukt in het primair fossiel energieverbruik. Het overzicht van alle geregistreerde energielabels is daarmee een belangrijke graadmeter voor de verduurzaming van utiliteitsgebouwen in de gebouwde omgeving.

Presentatie

Labelverdeling label-C-plichtige voorraad: links werkelijke verdeling [RVO], rechts projectie [EIB], 2022

Kantoren moeten per 1 januari 2023 beschikken over minimaal energielabel C. In de eerste figuur is te zien welk deel van de label C-plichtige kantoren naar schatting nu voldoet aan deze verplichting (43%) omdat zij op 1 januari 2022 over energielabel C of beter beschikten. Een groot deel van de kantoren heeft echter nog geen geregistreerd energielabel. Die kantoren kunnen overigens wel energiezuinig zijn. Daarom is in de tweede figuur de voorspelling van het EIB voor het jaar 2021 op basis van bouwjaar te zien voor de gehele kantorenvoorraad. Volgens deze projectie voldoet ongeveer 40% van de kantoorpanden nog niet aan de aanstaande labelplicht.

De cijfers zijn bepaald voor de groep kantoren waarvan het zeer waarschijnlijk is dat ze onder de label C-verplichting vallen. Dit is gebaseerd op gegevens die uit verschillende registraties zijn gehaald. De genoemde percentages blijven echter schattingen.

Het energielabel van de ongelabelde voorraad kan worden ingeschat op basis van bouwjaar, rekening houdend met de voorraad waarvoor de labels bekend is. Per bouwjaarklasse heeft EIB voor de helft van de voorraad in 2021 het energielabel ingeschat op basis van bouwjaar. Voor de andere helft wordt de labelverdeling gehanteerd zoals aanwezig in de labeldatabase van RVO voor die bouwjaarklasse.

Presentatie

Gemiddeld temperatuur gecorrigeerd aardgasverbruik van diensten

In de figuur is de ontwikkeling van het aardgasverbruik door de dienstensector te zien. Het aardgasverbruik van utiliteitsgebouwen moet uiteindelijk naar nul in 2050, om aan de klimaatdoelstellingen te voldoen.

Dit gebeurt door de gebouwen beter te isoleren en aardgas te vervangen door duurzamere alternatieven. Gebouwen in de dienstensector noemen we utiliteitsbouw. Er zijn ook utiliteitsgebouwen in de industrie en landbouw, maar die vallen - net als de afbakening van het PBL - in de betreffende sectoren. In de gebouwde omgeving wordt de utiliteitsbouw beperkt tot utiliteitsgebouwen in de dienstensector. Aardgasverbruik diensten - Nederland

Presentatie

Verdeling geregistreerde energielabels in utiliteitsbouw, 2022

Dit figuur laat de verdeling in geregistreerde energielabels zien voor de jaren 2017 en 2022 (stand 1-1-2022) voor vier utiliteitsfuncties. Het aandeel geregistreerde utiliteitsbouwlabels op basis van het aantal labelplichtige gebouwen is naar schatting circa 40%. De energetische kwaliteit van de overige 60% is onbekend. De gebouwen met een geregistreerd label zijn tussen 2017 en nu energiezuiniger geworden.

Het energielabel geeft aan wat de energieprestatie van een gebouw is, uitgedrukt in het primair fossiel energieverbruik. Het overzicht van alle geregistreerde energielabels is daarmee een belangrijke graadmeter voor de verduurzaming van utiliteitsgebouwen in de gebouwde omgeving. Verdeling geregistreerde energielabels in utiliteitsgebouwen - 2022 - Nederland

Presentatie

Labelverdeling label-C-plichtige voorraad: links werkelijke verdeling [RVO], rechts projectie [EIB], 2022

Kantoren moeten per 1 januari 2023 beschikken over minimaal energielabel C. In de eerste figuur is te zien welk deel van de label C-plichtige kantoren naar schatting nu voldoet aan deze verplichting (43%) omdat zij op 1 januari 2022 over energielabel C of beter beschikten. Een groot deel van de kantoren heeft echter nog geen geregistreerd energielabel. Die kantoren kunnen overigens wel energiezuinig zijn. Daarom is in de tweede figuur de voorspelling van het EIB voor het jaar 2021 op basis van bouwjaar te zien voor de gehele kantorenvoorraad. Volgens deze projectie voldoet ongeveer 40% van de kantoorpanden nog niet aan de aanstaande labelplicht.

De cijfers zijn bepaald voor de groep kantoren waarvan het zeer waarschijnlijk is dat ze onder de label C-verplichting vallen. Dit is gebaseerd op gegevens die uit verschillende registraties zijn gehaald. De genoemde percentages blijven echter schattingen. Het energielabel van de ongelabelde voorraad kan worden ingeschat op basis van bouwjaar, rekening houdend met de voorraad waarvoor de labels bekend is. Per bouwjaarklasse heeft EIB voor de helft van de voorraad in 2021 het energielabel ingeschat op basis van bouwjaar. Voor de andere helft wordt de labelverdeling gehanteerd zoals aanwezig in de labeldatabase van RVO voor die bouwjaarklasse.

Labelplicht  - 2022 - Nederland

Presentatie